warehouselogistiek.eu
nl
Hét platform voor interne & externe logistiek, supply chain en automatisering

Hoe ontwerp je een toekomstbestendig warehouse? Van haalbaarheidsstudie tot implementatie

Gesprek met Etienne Teunissen (GROENEWOUT CONSUL. & ENGINEERS)

Host: Roel van Gils

Hoe ontwerp je een warehouse dat vandaag én morgen optimaal presteert? In deze aflevering van Tussen de Stellingen spreekt host Roel van Gils met Etienne Teunissen, Senior Consultant bij Groenewout, over het volledige traject van een warehouseproject. Van de eerste haalbaarheidsstudie en datagedreven scenarioanalyses tot de selectie van leveranciers, implementatie en livegang. Daarnaast komen de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van warehouseautomatisering, AMR’s, flexibiliteit en de rol van medewerkers tijdens verandertrajecten uitgebreid aan bod.

Hoe ontwerp je een toekomstbestendig warehouse? Van haalbaarheidsstudie tot implementatie 1
Etienne Teunissen.
Transcriptie

[00:00] Introductie

Roel van Gils: Welkom bij weer een nieuwe aflevering van Tussen de Stellingen, de podcast van Warehouse Logistiek Benelux. Vandaag nemen we een kijkje in de wereld van warehouseprojecten. Hoe komt een nieuw warehouse eigenlijk tot stand? Welke keuzes worden gemaakt voordat de eerste paal de grond in gaat? En hoe zorg je ervoor dat een ontwerp uiteindelijk ook werkt in de operatie? Daarover in gesprek met Etienne Teunissen van Groenewout, specialist op het gebied van warehouseontwerp en implementatie. Welkom, Etienne.

Etienne Teunissen: Ja, dankjewel.

Roel van Gils: Stel jezelf even voor.

Etienne Teunissen: Ik ben Etienne Teunissen. Achtergrond in de werktuigbouwkunde. Ik studeerde in Delft. Daarna gewerkt bij twee integratoren van logistieke systemen. Vijf jaar geleden begon ik bij Groenewout als logistiek consultant. Ik focus me op alles binnen de vier muren en dan voornamelijk automatiseringsprojecten.

Roel van Gils: De techniek dus?

Etienne Teunissen: Ja, de techniek.

[00:52] De start van een warehouseproject

Roel van Gils: Veel mensen zien natuurlijk een gebouw met stellingen, machines en processen. Maar waar begint zo’n traject eigenlijk?

Etienne Teunissen: Ja, eigenlijk bij een goed ontwerp. Dus wij starten vaak vanuit data. Eerst kijken we wat de klant nu doet en waar ze naartoe willen groeien in de toekomst. Op die manier proberen we eigenlijk de behoefte in kaart te brengen van de logistiek voor nu, maar ook voor over een aantal jaar, afhankelijk van de horizon die we kiezen met elkaar. Vanuit die data gaan we dan kijken naar verschillende concepten.

Roel van Gils: Maar klanten komen bij jullie met een idee, zeg maar, van: we willen nieuwbouw of uitbreiding of wat dan ook?

Etienne Teunissen: Ja, vaak ligt er iets aan ten grondslag. Ze hebben of de kans om een nieuw pand te huren of ze hebben een andere uitdaging. Ze moeten gaan opschalen, ze komen er niet meer uit met hun huidige logistiek. Er ligt meestal iets op dat punt waardoor ze denken: oké, dit is wel een mooi moment om nu eens op een nieuwe manier naar onze eigen logistiek te gaan kijken.

[01:47] Werken vanuit data

Roel van Gils: En dat begint dus met data, zeg je?

Etienne Teunissen: Ja, vaak vanuit data. Want eigenlijk is dat toch de makkelijkste manier om heel objectief naar verschillende scenario’s te kijken en op die manier een juiste afweging te maken.

Roel van Gils: En data, waar moet je dan aan denken? Van wat ze doen? Welke data heb je dan nodig?

Etienne Teunissen: Ja, idealiter zoveel mogelijk. Dan willen we alles weten over voorraad, over replenishments en dat soort zaken, best wel diep. Alleen kan het ook op een hoger niveau. Dan gaat het meer over hoeveel orderlijnen je op een dag doet, wat de behoefte is en iets over opslagcapaciteit. Dus het kan eigenlijk van één Excel-bestand gaan tot twintig bestanden die we door elkaar analyseren en waar we een heel model van maken.

Roel van Gils: En zijn klanten zich daarvan bewust, dat ze die data eigenlijk nodig hebben om verder te gaan?

Etienne Teunissen: Tegenwoordig eigenlijk wel. De meeste klanten hebben heel veel data ter beschikking, dus vaak gaat dat heel makkelijk. En ook, zoals ik zei, als er minder beschikbaar is, dan kunnen we er ook mee werken. Dan wordt het eigenlijk meer via interviews en een rondleiding op de vloer. Maar ook op die manier kun je toch een beeld schetsen van de huidige situatie. Je wilt eigenlijk weten van waaruit je gaat vertrekken, ook om die nieuwe modellen goed te kunnen vergelijken.

Roel van Gils: Dus je gaat niet meteen tekenen en bouwen eigenlijk?

Etienne Teunissen: Nee, nee, nee, zeker niet.

[03:08] Verschillende scenario’s

Roel van Gils: En wat zijn de belangrijkste keuzes in zo’n vroege fase?

Etienne Teunissen: Eigenlijk vooral scenario’s. Dus vaak kijken we naar bijvoorbeeld een helemaal manueel scenario. Dat zetten we af tegen een aantal andere scenario’s. Dat bouwt vooral op in mechanisatiegraad bijvoorbeeld. Dus dan kijk je naar een helemaal manueel scenario, een scenario waarin iets meer geautomatiseerd wordt en nog een scenario waarin echt alles uit de kast getrokken wordt wat kan. Zo krijg je vooral verschillende smaken. Dat is nog niet zozeer de eindoplossing.

Roel van Gils: Die leg je dan voor, zeg maar? Of ga je samen met elkaar dat finetunen?

Etienne Teunissen: Ja, samen met elkaar. Wij rekenen ze uiteindelijk helemaal door: wat is de impact op het aantal mensen dat er rondloopt, het gebouwgebruik, hoeveel vierkante meter je nodig hebt en hoe ver je kunt groeien met zo’n concept.

Roel van Gils: Ja, ook richting flexibiliteit in de toekomst.

Etienne Teunissen: Ja, sommige concepten kunnen gewoon langer de groei faciliteren van een bedrijf dan andere concepten.

Roel van Gils: Maar komt het nog vaak voor dat het volledig manueel is?

Etienne Teunissen: Ja, soms wel. Eigenlijk afhankelijk van de producten. Sommige producten van klanten lenen zich niet voor volledige automatisering. Zeker afhankelijk van hoeveel capaciteit je hebt. Als je een iets kleinere operatie hebt en je hebt ingewikkelde producten, houten platen bijvoorbeeld die heel groot zijn, en je doet niet heel veel lijnen, dan is automatisering vaak niet de oplossing. Dan kun je nog steeds kijken naar het optimale manuele proces. Alleen automatisering is dan vaak lastig.

[04:42] Samen tot een keuze komen

Roel van Gils: Maar goed, dan heb je dus een aantal scenario’s en dan is het aan de klant om te kiezen van: ik ga voor dit, of een beetje van dat, of misschien nog een mix.

Etienne Teunissen: Ja, eigenlijk kom je daar samen toe. Dus je start met een aantal scenario’s, een stuk of drie, vier, vijf. Daarna hebben we met de klant workshops waarin we die scenario’s doorspreken. Vanuit ons kunnen we heel erg die objectieve kant geven, dus puur cijfermatig. Daarnaast bespreken we met elkaar ook de kwalitatieve punten, zoals flexibiliteit, kwaliteit en duurzaamheid. Dat soort aspecten kun je dan meer in een workshopsetting bespreken.

Roel van Gils: En hoe lang duurt zo’n voorfase, om het zo maar te noemen?

Etienne Teunissen: Dit traject, een haalbaarheidsstudie, zit rond de twaalf tot zestien weken. Een beetje afhankelijk van het project. Dat is eigenlijk de start.

[05:32] Verdieping van het gekozen concept

Roel van Gils: Ja, de start. Dan is die studie afgerond en is de keuze gemaakt. Wat gebeurt er daarna?

Etienne Teunissen: Binnen die haalbaarheidsstudie kiezen we ergens rond week acht tot twaalf een concept. Met dat gekozen concept doen we vervolgens nog één verdiepingsslag. We proberen het een stukje verder uit te werken, zodat de klant aan het einde van de haalbaarheidsstudie een goed beeld heeft van wat hij kan verwachten en waar hij naar moet gaan kijken. Dat is nog geen detailuitwerking, maar dan heb je al wel een vlekkenplan. Je hebt een idee hoe het in je magazijn komt te staan. Eigenlijk een eerste start om met dat concept het volgende traject in te gaan.

Roel van Gils: En dat is eigenlijk al het einde van de haalbaarheidsstudie dan?

Etienne Teunissen: Ja, dat zit eigenlijk in die twaalf tot zestien weken die ik net noemde. Daar zit dit ook in.

Roel van Gils: Vervolgens ga je dus naar de volgende fase.

Etienne Teunissen: Ja, klopt. Dan kun je het concept dat je hebt nog één slag dieper uitwerken.

Roel van Gils: Zoals? Wat bedoel je daarmee?

Etienne Teunissen: Bijvoorbeeld rondom de opslag van goederen. Het model dieper trekken om precies te weten wat voor locaties je nodig hebt, hoeveel van elk locatietype. Zelf een Material Flow Diagram (MFD) maken, waarin je ziet hoeveel lijnen je per uur moet doen. Alles net één slag dieper eigenlijk.

[07:01] Detailuitwerking of leveranciers betrekken

Roel van Gils: Is eigenlijk dan alles al bekend in die fase? Van hoe het eruit komt te zien?

Etienne Teunissen: Ja, kan. Dat is echt een keuze. Dus je kunt dit doen, dat is de ene kant. Je kunt ook anderzijds al met leveranciers contact opzoeken en dit tendertraject iets meer openlaten en de echte samenwerking met de leverancier opzoeken. Dus de volgende fase is eigenlijk komen tot een leverancier, vaak startend vanuit een Programma van Eisen.

Roel van Gils: Een leverancier in de zin van?

Etienne Teunissen: Ja, die de oplossing kan gaan leveren. Dat kunnen er één of meerdere zijn. Vaak doen we dat vanuit een PvE, dus het Programma van Eisen. Afhankelijk van wat je wilt, kun je daarin heel gedetailleerd uitschrijven wat je verwacht. Dan is van de leverancier eigenlijk alleen nog een sparringpartner en een uitwerking van de prijs nodig. Of je laat het meer open. Dan heb je al wel een richting. We denken aan volledige mechanisering. We denken aan het automatiseren van een verpakkingsoplossing bijvoorbeeld. Dan vraag je echt de input van de leverancier om mee te denken over het concept. Dan is die detailfase die je zelf doet minder nodig.

[08:04] Ontwerpen van binnen naar buiten

Roel van Gils: Maar je ontwerpt van binnen naar buiten? Het gebouw is niet leidend, laat ik het zo zeggen. Of het een nieuwbouw, herontwikkeling of een uitbreiding is.

Etienne Teunissen: Ja, idealiter ontwerp je van binnen naar buiten. Maar vaak zie je in de praktijk dat klanten al een optie hebben op een gebouw bijvoorbeeld, of dat er een uitbreiding ligt op het huidige pand.

Roel van Gils: Dan is de ruimte de beperkende factor?

Etienne Teunissen: Eigenlijk vaak wel. Idealiter ontwerp je eerst de logistiek en ga je daarna zoeken naar een gebouw dat erbij past. In de praktijk zie je dat het vaak toch andersom is. Wat ook prima kan werken.

[08:44] Uitdagingen tijdens de tenderfase

Roel van Gils: Waar lopen bedrijven in die fase vaak tegenaan? Kun je daar bijvoorbeeld wat voorbeelden van geven? Wat zijn de grootste uitdagingen in deze fase?

Etienne Teunissen: Tijdens die tenderfase?

Roel van Gils: Ja, tijdens de tender nog.

Etienne Teunissen: Ik denk dat het vastklikken van het concept wel lastig is. Je moet als hele organisatie natuurlijk op een bepaald moment een richting kiezen. Dat voelt best spannend, want dan wordt het ineens best echt. Dan is het definitief. Daarvoor ben je nog heel veel aan het kijken en is alles nog mogelijk. Langzaamaan ga je steeds meer één weg in en dan begint de twijfel soms ook weer meer toe te slaan. Moeten we niet toch nog daarnaar kijken? Of moeten we nog even dit overwegen? Dat is wel een uitdaging.

Roel van Gils: Worden daar de leveranciers ook bij betrokken dan? Of is dat een keuze?

Etienne Teunissen: Vaak wel. Vaak gaat het in samenspraak. Die leveranciers hebben ook weer net meer kennis over bepaalde zaken, dus die kunnen weer op een andere manier meekijken. Dat is heel nuttig om die zeker ook te betrekken.

Roel van Gils: Maar dan is het dus definitief inderdaad en dan krijgt het echt pas vorm. Of vorm, maar in ieder geval dan gaat het leven, lijkt het.

Etienne Teunissen: Ja, dan zit je eigenlijk met het Programma van Eisen en heb je contact met die leveranciers, vaak meerdere. Dan kan het selectietraject gaan lopen.

Roel van Gils: Dat moet ook nog natuurlijk.

Etienne Teunissen: Ja, dat moet ook zeker. Of in ieder geval zou ik altijd aanraden om te doen.

[10:06] Selectie en detailengineering

Roel van Gils: Je zit dan natuurlijk in een traject waarin uitdagingen of verwachtingen ook nog kunnen veranderen. Die flexibiliteit moet je dan ook nog inbouwen. Daar moet je natuurlijk altijd rekening mee houden.

Etienne Teunissen: Ja, en dat zie je ook een beetje terug in hoe vast je dat PvE hebt gezet. Soms ligt het heel vast en heb je binnen een paar maanden een offerte en ben je eruit met elkaar. Als dat traject opener is, duurt het ook veel langer en heb je veel meer iteraties met elkaar. Dan kijk je nog eens naar het concept en pas je nog zaken aan. Dat traject duurt dan langer, maar is ook heel leerzaam. Het bedrijf weet dan vaak zelf ook nog niet precies wat ze zoeken. Juist zo’n tenderfase kan heel nuttig zijn om als bedrijf te ontdekken wat je precies zoekt en wat de juiste oplossing is.

Roel van Gils: Ja, snap ik. En de volgende fase is dan al direct de implementatiefase of zit er nog een stap tussen?

Etienne Teunissen: Nee, de volgende fase is contractering en selectie. Als dat helemaal is vastgelegd, ga je eigenlijk de detailengineering in met de leverancier. Je hebt dan een saleslayout waarin alles in grote blokken is neergezet. Dat klopt in grote lijnen. Daarna ga je de detailengineering in. Dan komen er DWG-detailtekeningen die je kunt goedkeuren. Building interfaces, dus alles rondom sprinklers, verlichting en alles wat aangepast moet worden aan het gebouw dat toch niet helemaal geschikt was voor wat je wilde gaan doen. Daarnaast allerlei andere zaken, zoals interfaces met het WMS. Hoe ga je straks uiteindelijk de processen precies op de vloer uitvoeren? Dat wordt allemaal uitgewerkt in die detailengineeringfase.

Roel van Gils: En daar zijn jullie leidend in? Of nemen jullie de coördinatie op je?

Etienne Teunissen: Ja, daar kunnen we eigenlijk namens de klant spreken, of samen met de klant spreken, om hun belangen te behartigen in die fase. Daar kunnen we ook onze ervaringen uit andere projecten meenemen. Juist in die detailengineering kun je sommige dingen net iets beter neerzetten, zodat je daar straks in de praktijk minder last van hebt.

[12:16] Voorbereidingen voor de bouw

Roel van Gils: We gaan van fase naar fase, denk ik dan eigenlijk. Wat is dan inderdaad de volgende fase?

Etienne Teunissen: Na de detailengineering gaat de leverancier flink aan de slag. Daar heb je als klant meestal iets minder te doen. Zij starten de productie op en gaan alle materialen maken en inkopen. Veel gebeurt in hun eigen fabriek. Je houdt natuurlijk contact met elkaar, maar je hebt een minder grote rol in dat stuk.

Roel van Gils: Misschien al wat voorbereidingen treffen in de nieuwe hal of in de nieuwe uitbreiding.

Etienne Teunissen: Ja, dat kan zeker. Ik heb nu een project waarbij stellingen van de palletracking verplaatst moeten worden om ruimte te maken voor de automatisering die er gaat komen. Dan begin je inderdaad met het bulkmagazijn leeg te halen, te verplaatsen, stellingen af te breken en op een andere plek weer op te bouwen. Op die manier maak je alvast ruimte en bereid je de operatie voor op alles wat er op de vloer gaat gebeuren.

Roel van Gils: Daarna gaat het los, zeg maar.

Etienne Teunissen: Ja. De operatie moet er ook klaar voor zijn, zeker als het in een draaiende operatie gebeurt. Dan gaat er heel veel gebeuren.

Roel van Gils: Dat brengt natuurlijk nog veel meer uitdagingen met zich mee.

Etienne Teunissen: Ja, klopt. Geluidsoverlast, veel ruimtegebruik. Meestal ga je iets doen omdat je magazijn vol zit bijvoorbeeld. Dan moet je ineens heel veel plek maken om iets nieuws te kunnen opbouwen.

Roel van Gils: Dat klinkt heel raar natuurlijk. Tenminste, tegenstrijdig.

Etienne Teunissen: Ja, daar moet je goed over nadenken met elkaar. Zeker samen met de operatie. Die moet je goed meenemen. Uiteindelijk moeten ook in die periode gewoon alle orders de deur uit blijven gaan.

[13:51] De opbouw op locatie

Roel van Gils: De leveranciers zijn dus allemaal aan het bouwen. Op een bepaald moment komen ze aan met hun spullen. Wat is dan de volgende stap?

Etienne Teunissen: Dat kunnen heel veel spullen zijn. Er komen ineens een aantal vrachtwagens aan met heel veel materiaal dat allemaal opgeslagen moet worden. Daarna gaan ze bouwen op locatie. Vaak beginnen ze met het uitzetten van alle lijnen. Dan zie je eigenlijk nog niks gebeuren, maar er wordt heel veel getekend. Alles wordt uitgezet en daarna begint langzaam de opbouw. Dat begint vaak met staalwerk, afhankelijk van het project natuurlijk. Stellingen bouwen, mezzanines bouwen. Daarna komt er steeds meer automatisering bij. Dan worden bijvoorbeeld de transportbanen geplaatst. Eerst allemaal mechanisch. Daarna kan de elektrotechniek aan de slag en wordt alles aangesloten. Vervolgens kom je in de commissioningfase. Dan gaan de systemen echt draaien.

[14:47] Commissioning en opleiding van medewerkers

Roel van Gils: En dan moeten de mensen natuurlijk ook nog meegenomen worden of opgeleid worden om met die nieuwe installaties te werken.

Etienne Teunissen: Ja, klopt. Eigenlijk gaat de leverancier in die commissioningfase ook al testen. Ze voeren allerlei testen uit en waar mogelijk wil je de operatie daar zo snel mogelijk bij betrekken, zodat zij ook mee kunnen testen en alvast kunnen leren werken met die producten en die nieuwe manier van werken. Ze zien dan ook hoe zo’n station werkt en kunnen eventueel nog wat input leveren. Op die manier worden ze eigenlijk al in die testfase meegenomen.

Roel van Gils: Zodat het straks naadloos overgaat naar live.

Etienne Teunissen: Ja, precies. Los van de training die ze krijgen, zorgt dat meetesten ervoor dat ze al wat meer bekend raken met de techniek en soepeler live kunnen gaan.

[15:36] De rol van Groenewout

Roel van Gils: En houdt het dan voor jullie op?

Etienne Teunissen: Nee. Eigenlijk kan het in het hele traject dat we nu beschrijven op elk punt ophouden voor ons. Soms doen we alleen de haalbaarheidsstudie. Soms doen we de haalbaarheidsstudie en de tender. In andere projecten doen we het echt van A tot Z. Ook dit is zo’n punt waarop het vanaf de implementatie kan eindigen, zodat wij weer terugstappen en de klant het overneemt. Maar het kan ook zo zijn dat we erbij blijven, meegaan tijdens de livegang, de ramp-up begeleiden en daarna eventueel nog optimaliseren. Dat is helemaal afhankelijk van de samenwerking. Door het hele traject heen doe je het echt samen met de klant. Zij zijn daardoor op elk moment ook in staat om het weer over te pakken en zelf verder te gaan.

[16:21] Wanneer is een project geslaagd?

Roel van Gils: En wanneer weet je dan wanneer een project echt geslaagd is?

Etienne Teunissen: Ik denk na een jaar.

Roel van Gils: O, echt pas na een jaar?

Etienne Teunissen: Ja, na de livegang. Als alles goed draait en het stof is neergedaald, dan weet je of het geslaagd is. En als dat niet zo is, weet je ook wat je nog moet doen om het wel geslaagd te maken. Soms zit daar nog optimalisatie in. Dan moet je nog wat kleine accenten verleggen om het beter te maken. Maar eigenlijk kun je na een jaar goed zeggen of het een geslaagd project is.

[16:52] Trends in warehouseautomatisering

Roel van Gils: Jullie zitten er volop in natuurlijk. Je noemde al een paar ontwikkelingen. Wat zien jullie tegenwoordig het meest gebeuren? Wat zijn de laatste trends en ontwikkelingen in warehouses?

Etienne Teunissen: Je ziet sowieso dat er veel geautomatiseerd wordt. Tegenwoordig wordt in bijna elke haalbaarheidsstudie de vraag gesteld wat we kunnen doen aan automatisering. Vroeger hadden we heel veel trajecten waarin we alleen naar manuele concepten keken. Nu wordt bijna altijd wel een automatiseringsconcept meegenomen. Dat leeft echt bij klanten. Ook niet altijd per se vanwege de businesscase. Soms ook om de kwaliteit te verbeteren of vanwege de beschikbaarheid van personeel. Waar we vroeger altijd zagen dat alles een terugverdientijd van vijf jaar moest hebben, zien we nu dat daar ook weleens overheen wordt gestapt. Bedrijven zeggen dan: wij hebben gewoon de ambitie om te automatiseren. Hoe kunnen we dat doen?

Flexibiliteit zie je ook veel terug. Concepten die makkelijk schaalbaar zijn en kunnen meegroeien met de groei van het bedrijf.

Roel van Gils: Zoals? Heb je daar voorbeelden van?

Etienne Teunissen: Bijvoorbeeld AMR-concepten. Die zijn redelijk flexibel op te schalen. Je kunt starten met een lagere investering en vervolgens elk jaar kijken wat de behoefte is en of je moet meegroeien. Zo kun je ook een jaar stilstaan zonder direct opnieuw te hoeven investeren. Bij traditionele concepten zie je vaak dat je de helft al in jaar één neerzet en een plan hebt om over vijf jaar de andere helft erbij te zetten. Dat is wat minder flexibel.

Roel van Gils: En met een AMR kun je bijvoorbeeld delen van je operatie automatiseren?

Etienne Teunissen: Ja. Stel bijvoorbeeld een pickingproces. Dan kun je beginnen met duizend orderlijnen per uur en dat elk jaar uitbreiden naar vijftienhonderd en vervolgens tweeduizend. Zo schaal je stap voor stap op en koop je meer robots naarmate dat nodig is.

[18:45] Waar begin je met automatiseren?

Roel van Gils: Wat is idealiter het eerste proces dat je zou automatiseren als je nog helemaal niets hebt?

Etienne Teunissen: Vaak verpakking.

Roel van Gils: Ja, verpakking.

Etienne Teunissen: Ja, vaak verpakking. Daar zit meestal de kortste terugverdientijd. Het heeft een hoog automatiseringspotentieel en is relatief makkelijk te implementeren in de operatie. De operatie kan daar vrij makkelijk aan wennen. De impact is minder groot dan bijvoorbeeld een goods-to-personsysteem. Dat verandert de hele manier van werken. Verpakken raakt eigenlijk vooral het laatste proces in je magazijn en is redelijk als losstaand onderdeel te automatiseren. Daarom is het ook een goede eerste stap voor bedrijven die nog niets aan automatisering hebben gedaan.

Roel van Gils: Oké. Daarna ga je logischerwijs verder met de andere processen.

Etienne Teunissen: Ja. Uit die haalbaarheidsstudies kan bijvoorbeeld een plan komen waarin je start met automatisering in jaar één. Als dat goed draait, ga je verder met picking en kijk je hoe je dat kunt automatiseren. In die haalbaarheidsstudie ligt dan al een eindplaatje. Bijvoorbeeld dat het magazijn er in 2030 op een bepaalde manier uitziet, maar je implementeert dat stap voor stap.

[19:56] De meerwaarde van Groenewout

Roel van Gils: Waarin maken jullie als Groenewout dan het verschil voor klanten?

Etienne Teunissen: Ik denk vooral onze ervaring in de logistiek. We hebben veel projecten gezien en ook veel projecten gedaan vanaf de haalbaarheidsstudie tot en met de implementatie. Daardoor weten we niet alleen hoe je iets ontwerpt, maar ook waar je in de praktijk rekening mee moet houden. Die ervaring zorgt ervoor dat je in de ontwerpfase al veel zaken kunt meenemen die je tijdens implementatieprojecten hebt gezien. Bijvoorbeeld wat er misging en wat je nu al kunt voorkomen in het ontwerp. Denk aan de fasering van de livegang of hoe je tijdens de bouw in een bestaande operatie moet werken. Waar moet je rekening mee houden? Al die ervaring helpt daarbij.

[20:40] Richting 2030

Roel van Gils: Als we een kijkje nemen richting 2030, of misschien zelfs nog wat verder, waar staan we dan, denk je? Wat verwacht je van de automatiseringsgraad? Of gaan we weer terug naar stellingen en lopen er robots rond?

Etienne Teunissen: Ik denk dat de trend die we nu zien gewoon doorzet. Dus meer automatiseren. Misschien dat piece picking echt van de grond gaat komen. Dus robots die losse artikelen uit een doos kunnen pakken. Dat is iets wat we al jaren volgen, maar wat nog steeds niet op grote schaal wordt toegepast, omdat de techniek nog niet helemaal is waar je die zou willen hebben. Maar ik denk dat daar zeker stappen in gezet gaan worden.

Roel van Gils: En qua veiligheid? Ik kan me voorstellen dat robots en mensen door elkaar lopen. Is dat geen issue?

Etienne Teunissen: Nee, eigenlijk gaat dat heel goed. Waar je vooral naar moet kijken, is dat de robots niet voortdurend stilstaan vanwege de veiligheid. Als je je hele manuele proces dwars door de robotstromen laat lopen, staan die robots alleen maar te wachten op mensen. Enige scheiding is dus, los van de veiligheid, ook goed om de efficiëntie van de robots te behouden.

[21:54] Advies voor organisaties

Roel van Gils: Als je een advies zou mogen geven aan organisaties en luisteraars die nadenken over een nieuw warehouse of over automatisering, wat zou dat dan zijn?

Etienne Teunissen: Dat zou zijn om goed naar die eerste fase te kijken: de haalbaarheidsstudie.

Roel van Gils: Dat is echt het belangrijkste eigenlijk.

Etienne Teunissen: Ja. Je ziet vaak dat bedrijven snel in één concept duiken. Of dat ze meteen met één leverancier in gesprek gaan.

Roel van Gils: Of op basis van ervaringen.

Etienne Teunissen: Ja, of omdat ze goede contacten hebben met een leverancier. Dan gaan ze meteen samen een ontwerp maken. Ik zou adviseren om eerst één stap terug te doen, wat meer vanuit een helikopterview te kijken en verschillende concepten naast elkaar te zetten. Uiteindelijk bepaal je daar hoe je logistiek er de komende jaren uit gaat zien. Als je daar een paar weken extra in investeert, heb je over een aantal jaren een veel beter eindresultaat.

Roel van Gils: En wat is dan de doorlooptijd van zo’n project?

Etienne Teunissen: Dat verschilt. Van de haalbaarheidsstudie tot realisatie minimaal een jaar, maar dan doe je het echt heel snel. Dan heb je het bijvoorbeeld over het automatiseren van een verpakkingslijn. Meestal zit je ergens tussen de twee en vier jaar, afhankelijk van de grootte van de automatisering.

Roel van Gils: En de grootte van het gebouw speelt natuurlijk ook mee.

Etienne Teunissen: Ja. Als het een grote automatisering is, met een groot gebouw en veel stellingen, dan duurt alles langer.

[23:15] De operatie meenemen

Roel van Gils: Nog andere adviezen tot slot?

Etienne Teunissen: De operatie goed meenemen. Dat is denk ik de andere belangrijke. Op het juiste moment de operatie laten aansluiten, mee laten denken en zorgen dat zij weten wat er gaat gebeuren, wat ze kunnen verwachten, hoe ze zich kunnen voorbereiden en wat er allemaal gaat veranderen.

Roel van Gils: Dus echt de mensen meenemen?

Etienne Teunissen: Ja. Ik denk dat dat soms nog wordt onderschat. Je wilt ze ook niet al in de allereerste fase meenemen. Bij de haalbaarheidsstudie is het nog heel conceptueel en vaak te vroeg. Maar op het juiste moment wil je ze wel betrekken, want er kan waardevolle input vanuit de werkvloer komen. Voor hen gaat uiteindelijk heel veel veranderen.

Roel van Gils: Ja, snap ik.

Etienne Teunissen: Het is ook goed om hen enthousiast te krijgen voor het concept en de nieuwe manier van werken. Dat zij de voordelen zien en juist zin hebben om met de nieuwe automatisering te gaan werken, in plaats van dat ze het als een bedreiging zien.

[24:14] Afsluiting

Roel van Gils: Oké. Nou, Etienne, dank je wel voor je inzichten. Dank voor je komst. En luisteraars, bedankt voor het luisteren.

Heeft u vragen over dit artikel, project of product?

Neem dan rechtstreeks contact op met Groenewout B.V..

Groenewout B.V. 2 Contact opnemen

Stel je vraag over dit artikel, project of product?

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Groenewout B.V. 3 Telefoonnummer +31 76 533 04 40 E-mailadres mail@groenewout.com Website www.groenewout.com

Gerelateerde video's

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Stuur ons een bericht

Wij gebruiken cookies. Daarmee analyseren we het gebruik van de website en verbeteren we het gebruiksgemak.

Details

Kunnen we je helpen met zoeken?

Bekijk alle resultaten