warehouselogistiek.eu
EN
The platform for internal & external logistics, supply chain and automation

The box follows the product: how smart packaging is changing logistics

Hoe voorkom je dat kleine producten in veel te grote dozen worden verzonden? In deze aflevering van Tussen de Stellingen spreekt moderator Roel van Gils met Jeroen Brabers van Packsize over dozen op maat en slimme verpakkingsautomatisering. Aan bod komen onder meer box-first- en box-lastoplossingen, het verminderen van lucht en vulmateriaal, automatisering vanaf grotere verpakkingsvolumes en de impact van de Europese PPWR-regelgeving. Ook vertelt Brabers hoe Packsize met machines zoals de X5, X6, CVP Impack en CVP Everest verpakkingen afstemt op het product en zo transportvolume, materiaalgebruik en handmatige arbeid kan verminderen.

Gesprek met Jeroen Brabers
Host: Roel van Gils

The Box Follows the Product: How Smart Packaging Is Changing Logistics 1
Jeroen Brabers.
Transcriptie

[00:04] Introductie – dozen op maat
Roel van Gils: Welkom bij weer een nieuwe aflevering van Tussen de Stellingen van Warehouse en Logistiek Benelux. Je kent het waarschijnlijk wel. Je bestelt iets online, iets kleins, misschien een paar onderdelen en accessoires, of een product dat makkelijk door de brievenbus zou passen. Een paar dagen later staat er een enorme doos voor je deur. Je maakt hem open en daar ligt je product, omringd door lucht en vaak nog wat karton, papier of ander opvulmateriaal om te voorkomen dat het kleine product door die enorme doos gaat schuiven. Vandaag gaan we het hebben over een oplossing die eigenlijk heel logisch klinkt. Bij het product.

Roel van Gils: Bij mij aan tafel Jeroen Brabers van Packsize. Jeroen, welkom.
Jeroen Brabers: Dankjewel.
Roel van Gils: Jeroen, stel jezelf even voor.
Jeroen Brabers: Nou, mijn naam is Jeroen. Ik werk nu iets meer dan een jaar voor de firma Packsize. En daarvoor heb ik al eerder bij Sparck Technologies gewerkt, het bedrijf dat onlangs overgenomen is door Packsize. En wij maken inderdaad dozen op maat.
Roel van Gils: Ja, dozen op maat. Het is natuurlijk een breed begrip. Wat doen jullie precies? Misschien een korte geschiedenis van: wie zijn jullie? Waar komen jullie vandaan?

[01:04] Een doos afgestemd op het product
Jeroen Brabers: Eigenlijk trachten te doen, en dat doen we nu al een flink aantal jaren, is kijken hoe groot de doos moet zijn voor het artikel dat je wil gaan inpakken. Dus op het moment dat je bij wijze van spreken een waterglas, zoals ik het hier voor me zie staan, zou willen inpakken, dan heb je daar misschien geen standaarddoos voor. Wat wij dan doen, is we meten het product op en maken daar een doos voor op maat.
Roel van Gils: Dus echt dat op maat mogen we behoorlijk letterlijk nemen dan eigenlijk?
Jeroen Brabers: Dat is letterlijk bedoeld. In twee vormen. Dat kan in een box-firstoplossing of in een box-lastoplossing. Ja, een box-first, daar betekent het eigenlijk als volgt: je haalt uit je WMS-systeem de afmetingen van in dit geval een waterglas. Dat kan ook een waterglas en een kop en schotel zijn, of een doosje viltjes erbij. Het systeem berekent hoeveel inhoud zo’n doos moet hebben, maakt vervolgens die doos op maat en je kunt gaan. Dan is er over het algemeen geen vulmateriaal meer nodig. Je sluit de doos, labelt de doos en hij is klaar voor verzending.
Roel van Gils: En dat noem je het box-firstprincipe?
Jeroen Brabers: Dat is het box-firstprincipe.
Roel van Gils: Op basis van data dus, uit het WMS.
Jeroen Brabers: Exact. Aan de andere kant heb je dan volgens het box-lastprincipe. Het verschil daarmee is dat je met je producten, in dit geval bijvoorbeeld je waterglas en je doos viltjes, naar de machine toe gaat. Je drukt op start na opleggen van de producten. Er wordt een 3D-scan gemaakt van hetgeen je hebt opgelegd. De machine maakt direct op maat een doos, vouwt hem om het product heen of om de producten heen, tapet hem dicht of lijmt hem dicht, er komt een verzendlabel op en wederom: de doos is klaar voor verzending.
Roel van Gils: Dus eigenlijk zeg je: de doos is niet langer het uitgangspunt, maar het product is eigenlijk het uitgangspunt.
Jeroen Brabers: Ja, dat is mooi gezegd. Beperkte range aan dozen. Dus op deze manier produceren we minder lucht in de dozen. We gaan zeker met het box-lastprincipe terug naar 0% lucht.
Roel van Gils: O, echt nul? Het wordt er echt omheen gevouwen, ja, zogezegd.
Jeroen Brabers: Ja, nou ja, goed. Je houdt her en der natuurlijk nog in een glas bijvoorbeeld lucht over. Maar het wordt zo klein gemaakt als je het kunt bedenken. Maar er zit geen vulmateriaal meer in ook. Dat is een heel belangrijk gegeven.

[03:31] Waarom vaste doosmaten lang de standaard waren
Roel van Gils: Want we zijn jarenlang gewend geweest aan dozen in vaste maten. Waarom werd daar altijd zo hardnekkig aan vastgehouden?
Jeroen Brabers: Het is natuurlijk heel eenvoudig. Dus je kunt met vier, vijf of tien doosmaten natuurlijk alles verpakken. En op het moment dat je vulmateriaal nodig hebt, is dat natuurlijk ook makkelijk te verkrijgen. Er was tot voor kort eigenlijk nog geen wetgeving voor. Dus je kunt dat gewoon pakken en gebruiken. En als je daar redelijk je proces mee kunt voldoen, is het natuurlijk vaak prima. Consumentervaring wordt steeds belangrijker. Waar je als consument, we kennen het allemaal wel waarschijnlijk, een enorme doos binnenkrijgt waar bijna niks in zit. En dat je denkt van: ja, is dit nou echt nodig?
Roel van Gils: Yes.
Jeroen Brabers: Heeft ook te maken met hoe het kostenplaatje eruitziet van een doos versturen. Een doos is relatief heel goedkoop. En het verzendlabel kost eigenlijk altijd hetzelfde. Als het groter is dan een brievenbusdoosje, dan maakt het formaat eigenlijk niet meer uit. Eenzelfde bedrag.
Roel van Gils: Ja, dus is eigenlijk gewoon makkelijk, tenminste voorheen. Ja, ja, ja.
Jeroen Brabers: En je moet ook bedenken dat als je als inpakker aan een inpaktafel staat, degene die het daadwerkelijke packen moet doen, die wil zeker weten dat het product dat hij voor zich heeft liggen in een bepaalde doos past. Dus die pakt liever een doos die misschien een maatje te groot is dan eentje die te klein blijkt en dat hij opnieuw moet beginnen. Want die wordt afgerekend op hoeveel dozen per uur hij verpakt.

[05:01] Wanneer maatwerk interessant wordt
Roel van Gils: Maar het klinkt goed natuurlijk, die oplossingen van jullie. Maar wanneer wordt het interessant eigenlijk? Wanneer wordt maatwerk interessant?
Jeroen Brabers: Het is natuurlijk: hoe meer dozen je per dag verpakt, hoe eenvoudiger het wordt om een ROI te maken. Maar we moeten ook niet onderschatten hoeveel andere factoren nog van belang kunnen zijn om over te gaan tot aanschaf van een machine of het implementeren van een oplossing. Dat is natuurlijk aan de ene kant je kostenreductie. Aan de andere kant wil je jezelf ook minder afhankelijk maken van arbeidskrachten. Zeker op het moment dat die moeilijker te krijgen zijn of duurder worden.
Roel van Gils: Yes.
Jeroen Brabers: Plus, je kunt met heel weinig mensen nog heel veel dozen produceren. Zo tegen het eind van je cut-offtijd. Dus je kunt ook je groei daarmee faciliteren. En heel veel van onze klanten vinden het gewoon belangrijk om zo min mogelijk lucht en karton te versturen.
Roel van Gils: Ja, ja. Achter de duurzaamheid in die zin.
Jeroen Brabers: Ja, inderdaad. En dat is afgezien van de kostenreductie die wij vanaf een x-aantal dozen kunnen realiseren. Dat zijn natuurlijk ook hele belangrijke KPI’s. Maar om je vraag te beantwoorden: als je gaat kijken naar een kostenreductie, zit je een beetje vanaf 500 tot 1.000 dozen per dag. Als je die dagelijks wil versturen, dan komt onze machine wel in zicht. Onze oplossing komt dan in zicht.
Roel van Gils: Dus eigenlijk, om even terug te gaan: een kleine wijziging aan de verpakking heeft effect op meerdere schakels in de keten. Volume, minder lucht, noem maar op.
Jeroen Brabers: Ja, maar ook niet te onderschatten: je hoeft geen enorme hoeveelheid dozen meer op voorraad te houden. Onze machines werken met eindeloos karton, zoals we dat noemen. Dat zijn gestapelde vlakken karton eigenlijk. En die hebben allemaal dezelfde afmeting, kunnen wat variëren in breedte nog. Verpakkingsmateriaal wordt veel eenvoudiger in plaats van wanneer je twintig of dertig verschillende doosmaten moet gaan bijhouden.

[07:12] Het juiste moment om te automatiseren
Roel van Gils: Een vraag die veel ondernemers wellicht stellen: wanneer ga je eigenlijk automatiseren? Wat is het juiste moment?
Jeroen Brabers: Nou, heel veel ondernemers bedenken dat te laat. Wij proberen altijd aan te geven: je kunt beter nu gaan lopen dan straks gaan rennen. Je zult ook merken dat op het moment dat je met ons in gesprek gaat, een heel groot deel van je eigen logistieke proces onder een vergrootglas komt te liggen. Hoe ga je de producten op de juiste manier naar de machine toe krijgen? Hoe ga je ze ervan wegkrijgen? Waar heb je je opslag? Hoeveel mensen heb je op welke locatie nodig? Dus vaak zie je dat op het moment dat je met ons aan tafel gaat, dat dat ook impact heeft op de rest van je proces.
Roel van Gils: Ja, inderdaad. Dus je moet niet wachten tot de capaciteit echt op is?
Jeroen Brabers: Nee. En ik zeg ook altijd: je kunt gerust met ons in gesprek gaan en niet meteen een oplossing van ons afnemen. We willen allemaal heel graag uitleggen wat we voor jullie kunnen betekenen, ja.
Roel van Gils: En dan blijft het dus niet bij die machine alleen. Het hele proces wordt opnieuw bekeken, ook door jullie.
Jeroen Brabers: Ja, ja, inderdaad. Wij kijken altijd mee. We zullen ook altijd op- of aanmerkingen kunnen leveren. Zullen we ook altijd graag doen. Uiteindelijk zijn wij niet de partij die een heel magazijn opnieuw inricht, maar we denken wel altijd mee in dat proces.

[08:29] Van EM7 tot X5 en X6
Roel van Gils: Nu hebben we het gehad over een paar oplossingen.
Jeroen Brabers: Ja, sinds het samengaan van Packsize en Sparck hebben we een ontzettend brede range aan machines. Ik denk op dit moment de breedste range in de markt. En dat begint eigenlijk bij de EM7. Dat is een laaggeautomatiseerde machine. En die zorgt eigenlijk voor de mogelijkheid tot het inpakken van wat we in de markt weleens uglies noemen, of je unhappy flow. Echt onhandige producten. En je wil ze toch graag gaan verpakken. We zijn bezig met een bedrijf dat bumpers, motorkappen doet, dat soort zaken. Je kunt eigenlijk het product opmeten en zeggen van: ik wil nu deze doos gedraaid hebben. En die kan dus ook zo’n grote doos maken dat hij een motorkap of een bumper of een lamp, een tafel, enzovoort kan verpakken. Maar de capaciteit is daar een beetje 100 tot 150 pakketten per uur.
Roel van Gils: Dat is toch serieus?
Jeroen Brabers: Die stroomartikelen is dat vaak ruim voldoende. Nu, dan hebben we de box-firstoplossingen vanaf de X5. Daarnaast de X6. De verschillen zitten hem daar in de capaciteit per uur. Praat over 600 per uur voor de X5 en ongeveer 1.200 voor de X6. En dat zijn dus de box-firstoplossingen. Dus dat zijn de machines die. Daar hebben we eigenlijk de box-lastoplossingen. En dan praten we over de CVP Impack en de CVP Everest, die respectievelijk 500 dozen per uur kunnen maken tot 1.100 dozen per uur.

[10:21] Werking van de box-lastmachines
Roel van Gils: En hoe gaan die te werk dan, die machines?
Jeroen Brabers: Nou ja, dat zijn dus de box-lastoplossingen waar je het product op de lopende band legt. De operator drukt op start en op dat moment wordt een 3D-scan van de order gemaakt. En dan wordt er direct onder in de machine een doos op maat gesneden.
Roel van Gils: Dat is dus de range van Box First, Box Last. Dan heb je jullie complete range eigenlijk te pakken?
Jeroen Brabers: Ja, we hebben nog een aantal variaties die hiermee te maken hebben. We hebben bijvoorbeeld de mogelijkheid om de X6 te combineren met een zogenaamde lidder. Dus het is het maken van een deksel. Dat betekent dat je met de X6 een doos gaat maken naar je lopende band, waar de lidder op dat moment een deksel maakt voor die doos.
Roel van Gils: Oké.
Jeroen Brabers: Dus zo proberen we de technologieën ook met elkaar te combineren. We hebben ook lijmmachines nog voor de heel laaggeautomatiseerde oplossingen. Zo hebben we nog wel een aantal producten in onze line-up. Maar dit zijn de voornaamste.
Roel van Gils: En ik begreep ook dat een brievenbuspakket tot de mogelijkheden behoort, toch?
Jeroen Brabers: Met 1.100 dozen per uur kun je ook een doos maken die laag genoeg is om door een brievenbus te gaan. Ja, en wat natuurlijk heel erg interessant is als je producten hebt die dat kunnen, want niet alleen is je verzendlabel voordeliger, maar je afleverkans is veel groter en mensen hoeven niet thuis te zijn.

[11:54] Formaten en gewicht
Roel van Gils: Want als we het dan over formaten hebben en gewichten, tot welke range moeten we dan denken?
Jeroen Brabers: Nou ja, we zeggen eigenlijk vanaf een. Een doos maken. Gewicht is niet echt een beperking voor ons. In de zin: we kunnen gerust een doos van 25 kilo verpakken. Daar moet je dan wel het juiste karton voor gebruiken. En daar kun je in variëren. We zeggen alleen wel: als je 500 pakketten van 25 kilo per uur zou willen verpakken, dan moet je misschien naar een andere oplossing kijken. Of naar twee machines. De onderdelen in de machine hebben natuurlijk wel te lijden van zware producten.

[12:36] Onderscheidende technologie
Roel van Gils: Wat maakt jullie technologie nu zo onderscheidend?
Jeroen Brabers: De belangrijkste USP’s van onze Box First-oplossingen zijn eigenlijk dat de snelheid heel erg hoog ligt en dat we een brede range aan producten kunnen verpakken met de dozen die we maken. De Box Last-oplossing is uniek vanwege het feit dat je ook multi-line orders kunt verpakken. Dus dat betekent, ik zeg altijd tijdens een verkoopgesprek: op het moment dat je de producten voor je op tafel kunt zetten, wij verpakken. Het is natuurlijk lastig om vier losse tennisballen te verpakken, want die rollen weg. Maar we kunnen veel meer verpakken. Zaken blijven veel beter staan of liggen op een lopende band dan de meesten denken. En dat is wel iets wat wij serieus beter doen dan onze concurrenten.
Roel van Gils: Maar die producten worden dan wel door een operator gestapeld, zeg maar?
Jeroen Brabers: Ja, correct. Ja, daar geven wij ook trainingen in. Dus voordat een machine in gebruik genomen wordt, hebben wij ook een zogenaamde periode. Dus wij blijven bij de machine zolang als nodig is om de operators te trainen, maar ook om het technisch personeel ter plaatse te trainen voor klein onderhoud.
Roel van Gils: Ja, dus eigenlijk is er geen situatie denkbaar, los van die tennisbal dan, waar de machine zegt: sorry, dit past niet in mijn proces.
Jeroen Brabers: Een tennisbal kun je ook verpakken. Dan zou je alleen een proces moeten bedenken hoe je dat doet. Als je bij wijze van spreken zegt van: ik verstuur ook een tennisshirt, dan kun je die vier ballen op het shirt leggen, dan rollen ze niet weg. Ja, er zijn houdertjes, kokertjes, dat soort zaken.
Roel van Gils: Al deze mogelijkheden.
Jeroen Brabers: Het leuke is dat elke klant altijd een handjevol kleine oplossingen heeft voor dingen die wat lastiger zijn. Bijvoorbeeld een elastiekje om twee cilindervormige producten heen. En dat zijn kleine oplossingen waar je veel mee bereikt.
Roel van Gils: Zo kom je natuurlijk wel wat dingen tegen zo in je dagelijkse praktijk, toch? Van producten en noem maar op. Ja, dat is waar je creatief mee omgaat.
Jeroen Brabers: Zeker. Het verzet van mijn werk is dat ik elke dag in een ander bedrijf sta.
Roel van Gils: Maar ook weer van leer, uiteraard, meeneem naar andere partijen.
Jeroen Brabers: Zonder meer.

[14:46] Personalisatie en online printing
Roel van Gils: En daar zit ook nog een interessante marketinglaag aan, toch? Want jullie kunnen ook online printing service bieden.
Jeroen Brabers: Dat klopt. We kunnen iedere doos een persoonlijke print meegeven. Dat is een optie die wij bieden. Dan krijg je eigenlijk een printer. Daar kan gewoon op staan: hé, Jan, bedankt voor je bestelling. Of daar kan echt je naam op staan. Daar kan je een merknaam op printen. Logo’s. Dat kan allemaal.
Roel van Gils: Individueel?
Jeroen Brabers: Individueel, per order.
Roel van Gils: Dus dan wordt de doos dus ook een communicatiemiddel in die zin?
Jeroen Brabers: Ja, zeker. En nu we het daarover hebben: X5 Nozomi is eigenlijk een box-firstoplossing met een hele grote printunit daarin verwerkt. Ja, en die printunit maakt een full-colordoos per order op maat, dus je kunt het eigenlijk niet zo gek bedenken of je die printer op kunt krijgen. En dus je complete logo in full-color. Dus je maakt echt een full-colorprint die direct verzonden kan worden.
Roel van Gils: Vraagt het dan ook om ander karton?
Jeroen Brabers: Heeft nogal wat implicaties. Het is geen eenvoudige oplossing.
Roel van Gils: Maar die is er al of die komt eraan? Is nog in ontwikkeling.
Jeroen Brabers: Er is nu een prototype dat nu draait. En we zijn de eerste gesprekken met potentiële klanten aan het voeren. Maar die gaat er zeker komen.
Roel van Gils: Want je merkt, die vraag is er ook echt. Ja, die vraag is meer specialisatie.
Jeroen Brabers: Nou ja, dat is natuurlijk iets waar veel vraag naar is. Dat je ziet wat de verpakking in de afgelopen jaren aan marketingwaarde heeft gekregen. Ja. En daar moeten we zeker op inspelen.

[16:40] PPWR en vermindering van loze ruimte
Roel van Gils: En iets wat jullie natuurlijk ook in de kaart speelt, is de nieuwe Europese regelgeving.
Jeroen Brabers: De PPWR-regeling. Ja, zeker. Ik denk dat we daar met z’n allen baat bij hebben. Maar voor ons verkoopverhaal is dat natuurlijk heel interessant.
Roel van Gils: Kun je het even toelichten? Wat betekent dat voor de verpakkingen?
Jeroen Brabers: Ja, dat is een regeling die te maken heeft met duurzaamheid en CO₂-reductie. Dat gerecycled materiaal steeds meer gebruikt moet gaan worden. Onze machines zijn geschikt om gerecycled karton te verwerken. Daarnaast, en dat is een heel groot punt, wordt de volumereductie steeds belangrijker. Dus hoeveel procent lucht mag je nog, overtollige lucht, mag je nog verpakken? Mag je nog meesturen in je verpakking? En daar komt steeds strengere wetgeving voor. Die is nu al in lichte vorm van kracht. Ja, vanaf 2030 mag je niet meer dan 50% lucht versturen.
Roel van Gils: Dat is nog veel eigenlijk.
Jeroen Brabers: 50% klinkt als heel veel. Maar ga maar eens kijken hoe je gemiddelde verpakking eruitziet die je de komende weken of maanden binnenkrijgt. Daar zit je zomaar ruim boven die 50%.
Roel van Gils: Ja, dat ligt ook natuurlijk aan het product.
Jeroen Brabers: Dat ligt aan het product, ja. Maar het gaat over overtollige lucht.
Roel van Gils: Overtollige lucht.
Jeroen Brabers: Ja, dus als je bijvoorbeeld weer, laten we dat waterglas weer als voorbeeld nemen. Als je dat binnenkrijgt, de inhoud van dat glas is natuurlijk lucht. Maar dat is geen overtollige lucht. Daar kun je in feite niks aan doen. Maar het gaat erom dat het karton eromheen niet ook vier glazen zou kunnen bevatten.
Roel van Gils: Ah, zo.
Jeroen Brabers: Of drie. Daar gaat het om. Dat dat volume gereduceerd wordt. Overigens is vulmateriaal gerekend als overtollige lucht. Dus je kunt niet zeggen: ik pak toch een te grote doos, prop die vol met vulmateriaal en dan ben ik er ook. Zo werkt het niet.
Roel van Gils: Maar je gaf aan: die wetgeving is dus nu in lichte vorm van kracht. En wat betekent licht? Hoeveel procent mag nu nog lucht?
Jeroen Brabers: Ja, nu is er nog iets minder focus op de luchtreductie, maar meer op het gerecycled materiaal. Maar ik adviseer eenieder om goed te gaan kijken wat het voor zijn of haar organisatie inhoudt. Want er is nog veel onduidelijkheid. Maar feit is wel dat het er is. En in verdere vorm gaat komen. En dat iedereen daar de gevolgen van gaat ondervinden. En wij ook als consument kijkend, gaan daar aan ondervinden. Je zult minder vrachtwagens op de weg gaan zien en minder afval in de wereld gaan krijgen, dus ik denk dat dat voor ons allemaal hartstikke goed is, ja.
Roel van Gils: Oké, dus gebruik niet meer verpakking dan noodzakelijk is.
Jeroen Brabers: Eigenlijk, ja. Dat is sowieso al jaren onze boodschap.

[19:23] Doorontwikkeling en klantgerichte aanpassingen
Roel van Gils: Ja, snap ik. Ik begreep dat jullie ook met ontwikkelingen bezig zijn. Ja, klopt, zelfs een combinatie van machines.
Jeroen Brabers: Nou ja, dat is eigenlijk wat ik zojuist al aangaf. De X6 die we gaan combineren met een dekselmachine die we al van een andere oplossing hadden. Daarnaast zijn we natuurlijk altijd bezig met het verbeteren van onze huidige machines. Kijken waar we nog aanpassingen kunnen doen. We hebben ook vaak klantspecifieke verzoeken. Van: wij willen graag dit of dat, of ze zo met deze machine kunnen gaan doen. Kunnen jullie een aanpassing maken waarmee dat dan kan? Daar hebben wij een team voor zitten. Dat bekijkt of die mogelijkheid er is. En als daar interessante opties bij zijn, dan kunnen we ook altijd beslissen om die door te voeren in de productieversie. En zo proberen we eigenlijk altijd de betrouwbaarheid van de machine nog verder te vergroten.
Roel van Gils: En heb je nog een primeur voor ons wellicht?
Jeroen Brabers: Op dit moment niet iets dat ik kan delen.
Roel van Gils: Oké, maar er komt nog wel iets aan wellicht.
Jeroen Brabers: Er komt ongetwijfeld weer iets aan. Ja, zeker.

[20:23] De perfecte doos is voor iedere order anders
Roel van Gils: Dus eigenlijk, als we kijken naar wat we net zojuist hebben besproken, dan bestaat eigenlijk de perfecte doos niet. Althans, elke doos is uniek in jullie optiek.
Jeroen Brabers: Ja, dat is hij ook.
Roel van Gils: En moet eigenlijk precies groot genoeg zijn voor wat erin moet.
Jeroen Brabers: Ja, eigenlijk is het een hele logische gedachte. Als je het zo uitspreekt, dat je een doos op maat gaat maken. Er is eigenlijk geen logischere gedachte dan dat. Maar toch bestond het nog niet zoals wij het doen.

[20:53] Advies aan bedrijven
Roel van Gils: En wat is je advies aan de luisteraars?
Jeroen Brabers: Nou, denk je dat het wellicht interessant voor je zou kunnen zijn, neem contact met ons op. Je vindt mijn gegevens op onze website packsize.nl. Dat kan ook online, het kan ter plaatse. We hebben genoeg klanten in de Benelux waar we ook gerust eens een keer bij een machine kunnen gaan kijken. Dat je ook een gevoel hebt van: hé, past dit nou bij mij? En uiteindelijk, zoals eerder aangegeven, het antwoord kan ook nee zijn. Dan komen we daar met z’n allen snel genoeg uit. Maar het is altijd goed om eens het gesprek aan te gaan. En dan kunnen we graag meedenken in jullie proces.
Roel van Gils: En zien of het bij jullie past of niet.

[21:37] Implementatietijd en groei
Jeroen Brabers: Ja, je praat nu een beetje tussen handtekening en daadwerkelijke ingebruikname. Is vier tot zes maanden ongeveer.
Roel van Gils: Oké, alles nog redelijk snel.
Jeroen Brabers: Ja, dat is ook vrij snel. We zoeken nog mensen in de productiecapaciteit.
Roel van Gils: O, zo.
Jeroen Brabers: Ja, daar zoeken we altijd goede mensen. We zoeken nog steeds goede technische mensen. Want we willen graag groeien en uitbreiden. En dat zijn we ook al aan het doen. Kijk gerust naar onze vacatures op de website.
Roel van Gils: Kijk aan, helemaal goed. Jeroen, dankjewel voor dit gesprek.
Jeroen Brabers: Jij ook bedankt voor je tijd.
Roel van Gils: En luisteraars, dank voor het luisteren.

Gerelateerde podcasts

"*" indicates required fields

This field is for validation purposes and should be left unchanged.

Send us a message

Wij gebruiken cookies. Daarmee analyseren we het gebruik van de website en verbeteren we het gebruiksgemak.

Details

Kunnen we je helpen met zoeken?

Bekijk alle resultaten